left
 

Artikelindex

 

Vrijwilliger op een palliatieve éénheid

Het palliatief team bestaat naast verpleegkundigen, artsen, psycholoog, pastorale werkers, kinesitherapeut, poetshulp... meestal ook uit vrijwilligers. De meerwaarde van een vrijwilliger is dat hij niet handelt als een deskundige, maar als mens aanwezig is bij de patiënten, hun familie en alle betrokkenen op de palliatieve eenheid.

Taken en verantwoordelijkheden van een vrijwilliger

Wat doet een vrijwilliger zoal?

Dit kan variëren van eenheid tot eenheid, maar meestal kan je van vrijwilligers het volgende verwachten : zij houden mensen gezelschap, staan klaar voor een babbel of bieden een luisterend oor, zij helpen desgevraagd bij de dagelijkse lichamelijke zorg, helpen bij de maaltijden, bieden emotionele steun, maken een wandelingetje met de patiënten, halen even een krant, geven een hand- of voetmassage of lezen voor uit een boek, waken bij de stervenden, helpen bij de lijkzorg, helpen bij bemoedigingsmomenten en de voorbereiding ervan, noteren relevante informatie in het dossier en signaleren dingen die van belang kunnen zijn aan de rest van het team, helpen mee een huiselijke sfeer te creëren, steken een handje toe bij het onthaal en de opvang van bezoekers of nieuwe patiënten en verrichten huishoudelijke taken zoals strijken, taart bakken, planten verzorgen, kerstboom versieren ...

De vrijwilliger vult zijn shift grotendeels zelfstandig in en legt zijn eigen accenten volgens interesse en aanleg.

Van een vrijwilliger wordt meestal verwacht dat hij één tot twee shifts van vier uur per week doet volgens een vooraf afgesproken uurrooster. Voor de aanvang van de shift wordt hij of zij via ‘de overdracht' geïnformeerd over de patiënten en hun toestand. De vrijwilliger verbindt er zich toe aanwezig te zijn op intervisie- en vormingsmomenten. Ook vooraf krijgt de vrijwilliger in spe een vorming van enkele dagen over alle aspecten van de palliatieve eenheid.

Een goeie, persoonlijke houding vinden.

Keer op keer een kamer binnengaan, waar een onbekende zich aan het einde van zijn of haar leven bevindt en misschien zelfs al stervende is, is een heel bijzondere en weinig alledaagse situatie. Welke houding neem je als vrijwilliger aan? Wat is een wenselijke en meteen ook natuurlijk aanvoelende positie voor je? Vanuit welke energie en vanuit welke intentie benader je de mensen?

Vanuit de palliatieve setting wordt van een vrijwilliger respect voor de eigenheid en de leefwereld van de patiënt verwacht, evenals voor zijn privacy en zelfredzaamheid, communicatievaardigheid, teamgeest en het vermogen om het eigen handelen in vraag te kunnen stellen. Dat is al enigszins een richtlijn, maar laat (gelukkig) nog veel ruimte voor een concrete en persoonlijke invulling.

Bewust op zoek gaan naar een houding die binnen het geschetste kader het beste aansluit bij je eigen wezen, helpt om ten volle aanwezig te zijn en een gezond evenwicht te creëren tussen geven en ontvangen.

Mijn eigen ervaring als vrijwilliger

Zelf ben ik al enkele jaren actief als vrijwilliger op een palliatieve eenheid, wat mij veel voldoening geeft. Als ik mij bezin over hoe ik dat doe, vallen mij vooral drie dingen op.

Waarnemen en waken over veiligheid

Keer op keer jezelf confronteren met een onbekende in een emotionele situatie, vraagt aandacht voor begrenzing en veiligheidsgevoel. Veiligheidsgevoel bij de patiënt, maar ook bij jezelf als vrijwillige hulpverlener.
Als ik mij om één of andere reden minder op mijn gemak voel in het contact met de patiënt of andere aanwezigen, probeer ik vooral alleen maar "waar te nemen". Ik ga als het ware tussen de ander en mijzelf in gaan staan en focus mij beurtelings op de ander en zijn behoeften en gevoelens en op mijzelf en mijn eigen noden en gevoelens. In deze "houding" probeer ik vooral bewust te worden van wat er op dat moment aanwezig is en mijn neiging om onmiddellijk te reageren op wat zich aandient, af te remmen. Door ook mijzelf als het ware van buitenaf te observeren, dissocieer ik mij van mijn persoonlijke stemming en gedachten die niets met de patiënt te maken hebben. Daardoor word ik "neutraler" en ben ik gemakkelijker echt aanwezig. Het besef dat ik ook mijn eigen noden in de gaten hou, bezorgt mij een veilig gevoel, waardoor ik dieper in contact met de patiënt durf te gaan en niet zo snel afgeschrikt word door stiltes of moeilijke momenten in het gesprek. Een veilig gevoel maakt het ook gemakkelijker om minder gewenste boodschappen over te brengen (bv. de bevestiging dat iemand niet meer gaat genezen, dat het overlijden van een dierbare geen weken meer zal duren, dat je shift er op zit en je naar huis wil...). En als ik mijzelf veilig en ontspannen voel, straalt dat ook af op de patiënt die daardoor onbewust de boodschap oppikt dat de situatie veilig is. Dat is niet onbelangrijk bij mensen die zich gemakkelijk angstig voelen bij het idee van hun naderende dood.
Inwendig alert zijn voor wat er gebeurt, help ook om te vermijden dat je vanuit eerder dubbelzinnige motieven begint te handelen, die je vroeg of laat onvermijdelijk de mist doen ingaan, zoals bijvoorbeeld een overdreven verantwoordelijkheidsgevoel of een verdoken behoefte om graag gezien te worden.
In het algemeen vind ik het ook gemakkelijker om een ontmoeting af te ronden en niets 'mee naar huis' te nemen als ik mijn eigen grenzen goed bewaak.

Liefdevolheid

Het lijkt mij redelijk vanzelfsprekend dat je dit soort werk vanuit je hart doet.
Met een open en warm hart bij de mensen aanwezig zijn, betekent voor mij je respectvol, ontvankelijk, fijngevoelig en koesterend opstellen. Onvoorwaardelijk aanvaarden wat er zich aandient, zonder te oordelen en met een bijzondere aandacht voor de schoonheid en innerlijke kracht van de mens tegenover je. Als mensen heel emotioneel zijn, stel ik mij inwendig voor dat er een warme, omhullende mantel om hen heen gelegd wordt, waardoor er een ruimte ontstaat waarin ze veilig zijn en welkom zijn mèt hun kwetsbaarheid, onrust en emoties. Ik probeer een diep vertrouwen te voelen in het natuurlijk proces van loslaten en sterven en dat ook uit te stralen. Soms voer ik een inwendig gesprek met onrustige mensen waarmee normale communicatie niet meer mogelijk is, waarbij ik hen van op de zijlijn bevestig en aanmoedig. Vanuit je hart kan je een heel diepe liefde voelen voor de relatief onbekende mens tegenover je en je heel diep verbonden voelen met alle levende wezens en het leven in het algemeen. Die verbondenheid maakt veel zwaarte lichter.

 

Je kan maar leren kennen wat je liefhebt.

 

 

Spirituele verbinding

Vanuit mijn interesse en aandacht voor het spirituele, probeer ik bij een stervende ook aandacht te hebben voor de ‘energetische' toestand van de betrokkene en de ondersteuning van het energetische stervensproces (zie ook het energetische sterven).

Ik probeer de wakenden rond de stervende indien nodig (nog) beter af te stemmen op wat er gebeurt door met hen over het leven van de stervende te praten, te vragen naar hun overtuigingen omtrent de dood en wat erna komt of door informatie over de stervenssymptomen te geven als ze dat vragen. Als betrokkenen aangeven te geloven in een leven na de dood, informeer ik soms naar een overleden persoon of een spiritueel wezen die voor de betrokkene belangrijk is geweest, om zo de verbinding te versterken. Het heeft weinig zin om mensen die niet geloven dat er nog leven na de dood is, te willen troosten met andere inzichten - inzichten zijn persoonsgebonden en vallen niet af te dwingen - maar het is mijn ervaring dat gewoon neutraal informeren naar iemands overtuigingen terzake, al heel wat in beweging kan zetten. Soms vertel ik wel eens iets over het oplossen van de vijf elementen volgens het Tibetaans Boeddhisme om verontrustende fysieke verschijnselen te helpen plaatsen en de aanwezigen gerust te stellen.

Het spreekt vanzelf dat je ook op spiritueel vlak je voor de ervaringen van de ander ontvankelijk opstelt en het standpunt en de grenzen van de ander respecteert.

 

Je brengt je spiritualiteit niet naar het sterfbed; je vindt haar daar.

(Merill Collet)

 

 

righttop

Op de lijn tussen hemel en aarde
mocht ik je ontmoeten
je leek te breken-
maar tussen de scherven
ving ik de schittering van je ziel

Ik mocht een eindje mee
je mee uitwuiven
van op de steigers van het leven
Ik proefde de wind van je woorden
proefde even je afdruk in mijn hart

Dank je wel, dappere ziel,
voor jouw leven op aarde
nu teder ingepakt
als een voltooid geschenk

Tussen de plooien van mijn gedachten
stop ik een kleine vlinder
zijn vleugelslag in de warme lentezon
zal mij herinneren aan jou

right

U mag de teksten van deze site vrij gebruiken en verspreiden, mits vermelding van www.izamen.be.