left

Ik ben
in je hart
in je stem
in je handen
in de wind
in het licht
in een traan

Ik ben
meer dan ooit.

 

Artikelindex

Begeleiding van overledenen

In het Tibetaans dodenboek worden een aantal middelen aangereikt om de overledene te ondersteunen.

Phowa

In essentie komt deze oefening er op neer dat je een goddelijke wezen aanroept en je je zo goed mogelijk voorstelt dat het wezen aanwezig is in de ruimte (voor christenen zou dit bv. de Maagd Maria of Jezus kunnen zijn). Als je geen affiniteit hebt met dergelijke wezens, kan je je ook zuiver goud licht voorstellen. Laat je hart vullen met hun aanwezigheid in het vertrouwen dat ze er zijn.
Vervolgens stel je je voor dat de geest van de stervende versmelt met de wijsheidsgeest van de zuivere aanwezigheid.
Het meest doeltreffend zou zijn om de phowa voor de stervende te doen op het ogenblik de persoon (fysiek) gestorven is en nog voor het lichaam aangeraakt wordt. Voorts is het aangewezen om het te blijven doen gedurende 49 dagen na het overlijden en zeker op de wekelijkse dag van sterven (vb. elke zaterdag als de persoon op zaterdag gestorven is). Je zou de phowa tijdens deze periode kunnen doen telkens je aan de overledene denkt of zijn naam uitgesproken wordt. Tijdens de bardo van Darmatha is de overledene immers bijzonder ontvankelijk voor hulp van de levenden. Dit betekent evenwel niet dat je iemand daarna niet kan helpen door deze beoefening te doen.

Zeker bij een gewelddadige of plotse dood is het goed om de phowa zo intens mogelijk te doen. Slachtoffers van moord, zelfdoding, ongelukken of oorlogen kunnen gemakkelijk in hun angst, lijden en verwarring verstrikt raken of in de feitelijke doodservaring blijven steken.

Goede gedachten en daden

Aangezien het bewustzijn in de bardo van Darmatha helderziend is en zeven keer zoveel helderder als tijdens het leven, is het heilzaam om goede gedachten naar de overledene te sturen. Een spiritueel beoefenaar die in de natuur van de geest rust, zou de overledene kunnen aanroepen, want wanneer het mentale lichaam van de overledene in de aanwezigheid van de spiritueel beoefenaar komt, kan door de kracht van de meditatie, de overledene in contact komen met de natuur van de geest.
Je kan ook volgende mantra's zeggen telkens wanneer je aan de overledene denkt: "Om Mani Padme Hum" (uitgesproken als Om Mani Pèmé Hoeng) of "Om Ami Dewa Hrih".
In Tibet en in de Himalaya is het de gewoonte om goede daden te stellen en alle welzijn en verdienste die hieruit voortvloeit, op te dragen aan de overledene, met de wens dat zij een goede wedergeboorte hebben.

Voorlezen dodenboek

In de Tibetaanse gemeenschap is het daarnaast gebruikelijk dat monniken het dodenboek voorlezen aan de gestorvene en gedurende 49 dagen regelmatig rituelen en beoefeningen voor zijn of haar welzijn uitvoeren.

 

Bron: Sogyal Rinpoche, Het Tibetaanse boek van leven en sterven, Servire, Antwerpen, 1994.

righttop
right

U mag de teksten van deze site vrij gebruiken en verspreiden, mits vermelding van www.izamen.be.